Top
Back

 

 

Kabouters

 

Het woord Kabouter is afgeleid van Kobold, dat weer komt van het woord Kuba-Walda, wat "huisbestuurder" of "huisgeest" betekent in het oud-germaans.

Vroeger was de kabouter een geaccepteerd lid van de maatschappij, van hoog tot laag zag iedereen hem regelmatig, werd door hem beloond, bestraft, geholpen of geplaagd en vond dat normaal. Nu is de kabouter teruggedreven naar schuilhoeken boven en onder de grond, waar hij zich aan onze waarneming onttrekt. In het jaar 470 na Chr. schreef de Romeinse sergeant Publis Ocatvus, die in de buurt van Leiden woonde het volgende:

"Vandaag heb ik met eigen ogen een miniatuurmensje gezien. Hij droeg een rode muts en een blauw hemd. Hij had een witte baard en een groene broek. Hij zei dat hij amper 20 jaar in dit land woonde. Hij sprak onze taal vermengd met vreemde woorden...

Kabouters en Dieren

De kabouter heeft intensief contact met de dieren. Hij zit met hen op dezelfde golflengte. Dat houdt in, dat hij hun taal verstaat en hun problemen begrijpt. Alle dieren zijn vertrouwd met de kabouter, zelfs de bunzing en de rat, die nogal erg hindelijk zijn. Één uitzondering blijft de kat. Zelfs de Wolf, Lynx, Beer, Vos en Wild Varken, die toch heus geen lieverdjes zijn, respecteren de kabouter, weten hem in nood te vinden en doen wat hij hun vraagt of gebiedt zonder al te veel mokken.

De Boskabouter

De meeste mensen hebben nog nooit kabouters gezien, maar wel van gehoord. Kabouters zijn eigenlijk minimensen. Ze hebben, net zoals wij, een lichaam, alleen veel kleiner. Er zijn zelfs kabouters die niet groter zijn dan een duim! Net zoals mensen kunnen ze ook met elkaar praten. Het bijzondere bij kabouters is, dat zij ook met de dieren kunnen praten. Boskabouters zijn een stukje groter dan een mensenhand, zo ongeveer25 centimeter. Natuurlijk wonen boskabouters in een bos. Ze hebben meestal een groene jas met een bruine broek aan. Op hun hoofd dragen ze een bruine puntmuts. Daarom zijn ze ook zo moeilijk tussen de bomen, struiken en het hoge gras te zien; ze vallen helemaal niet op. Bovendien kunnen ze zich op hun leren kabouterschoenen heel vlug uit de voeten maken. Is een kabouter werkelijk slecht, wat niet meer dan één op de duizend voorkomt, dan is dat door inkruising van vreemde erffactoren, bijvoorbeeld op zeer afgelegen plaatsen.

De Duinkabouter

De Duinkabouter is een fractie groter dan de boskabouter. Ook hij vermijdt menselijk contact. De kleding is soms merkwaardig vaal. Het vrouwtje is niet grijs maar khaki-kleurig.

De Tuinkabouter

De Tuinkabouter beantwoordt aan het gewone type. Hij houdt zich in oude tuinen op, zelfs die welke door stadsuitbreiding zijn ingeklemd tussen nieuwbouw. Hij is meestal aan de sombere kant en vertelt graag weemoedige verhalen. Wordt het hem te benauwd, dan verhuist hij naar het bos. Hij heeft echter meestal een aanzienlijke eruditie en krijgt het dan in het bos niet altijd even makkelijk.

De Boerderijkabouter

De Boerderijkabouter komt overeen met de huiskabouter, is echter gestadiger van geest en gelooft liefst aan zaken waaraan niet meer getornd hoeft te worden.

De Huiskabouter

De Huiskabouter is een soort apart. Hij ziet er wel uit als een gewone kabouter, maar hij heeft de meeste mensenkennis. Door het verblijf in oude en historie-volle huizen heeft hij veel gehoord en gezien, of het nu arme of rijke woningen betrof. Hij spreekt en verstaat het beste de mensentaal en uit zijn geslacht worden de kabouterkoningen gekozen.

Alle bovengenoemde kabouters zijn goedig van aard, bereid tot een lolletje of een kleine plagerij, maar nooit kwaadwillig.

De Siberische Kabouter

De Siberische Kabouter is daar nog het meeste door beinvloed. Hij is centimeters groter dan de Europese en gaat veel met Trollen om. In bepaalde streken is daar geen enkele kabouter te vertrouwen. Hij neemt represailles bij het minste of geringste dat hem niet bevalt, in de vorm van het doden van vee, het veroorzaken van misoogsten, grote droogte, abnormale koude enzovoort.

Verspreidingsgebied van de kabouters

Westgrens: Ierse oceaankust

Oostgrens: Diep in Siberië

Noordgrens: Tot boven in Noorwegen, Zweden, Finland, Rusland en Siberië

Zuidgrens: Een lijn van de Belgische kust via Zwitserland, Balkan, Zwarte Zee, Kaukasus en Siberië

Dit hangt samen met de kortere dagen en langere winters, die in de landen ten noorden van deze laatste lijn bestaan.

 

Kabouter Plaatjes

Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje
Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje
Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje
Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje
Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje
Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje
Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje
Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje
Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje
Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje
Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje Kabouterplaatje